Oefening · Beginner · 12 min
Tempo-laddertje (60 → 120 BPM)
Dezelfde progressie, vier tempo's, gegarandeerde groei
De universele oefen-techniek: speel een vertrouwde progressie steeds iets sneller. Niet 'zo snel mogelijk' (= rommel) maar gestructureerd: 60 → 80 → 100 → 120 BPM, vier maten per tempo, geen pauze ertussen. Je merkt vanzelf bij welk tempo je hapert — dat is je 'edge', en daar groei je.
Drill · herhaal dagelijks tot het vanzelf gaat — niet één keer en klaar
Doe eerst
Wat je leert
Na deze oefening bouw je een vertrouwde progressie gestructureerd op in tempo (60→120 BPM) en herken je je eigen 'edge'.
De akkoorden in deze oefening
Oefen-tips
- Doel is niet 120 BPM halen. Doel is herkennen op welk tempo je gaat haperen. Dáár ga je een week lang oefenen.
- Speel het laddertje 3x achter elkaar. Op de tweede ronde merk je verschil — dat is wat 'inspelen' doet.
- Ga je niet door 80 BPM heen? Geen probleem. Speel 80 BPM elke dag een week. Volgende week voelt 90 'normaal' aan.
- Hapering bij hoog tempo betekent vaak dat je linker- en rechterhand niet synchroon zijn. Vertraag, kijk waar de mismatch zit.
- Eind van de oefening: speel hem nog één keer op 60 BPM. Voelt 'gek langzaam'? Mooi — dat is de progressie.
Je bent klaar als…
Je bent klaar als je precies weet bij welk tempo je begint te haperen — dat tempo is je oefenpunt voor de komende week.
